FraLa - Kakelbont

Als kippen het naar hun zin hebben en er met enige regelmaat zo’n langgerekt “Tòòòk” uit zo’n keeltje komt, vind ik gekakel wel een aangenaam geluid. Dusdanig, dat ik het woord kakelen soms hanteer als alternatief voor babbelen, praten, et cetera. Op een prettige manier communiceren dus.

Is er paniek in de tent (kippenschuur), omdat een vos of ander kiponvriendelijk dier zich in de buurt vertoont, dan wordt het door blinde paniek geproduceerde geluid knap storend. Maar dat is wellicht ook de bedoeling. De ‘bewaking’ wakker maken. Hoewel ik mij daar bij schapen iets meer bij kan voorstellen dan bij kippen. Nooit van een kippenherder gehoord.

Nu even terug naar dat geluid bij paniek. Daar moet ik de laatste tijd vaak aan denken als ik weer eens politici hoor debatteren. Er wordt door elkaar heen gekakeld dat het een lieve lust is. Iemand die zijn of haar betoog mag afronden, heeft dat te danken aan de gespreksleider of aan ademnood bij de andere deelnemers.

Omdat twee derde van de stemgerechtigden bij de verkiezingen voor de gemeenteraad voor een landelijke partij kiest, mengen de grote jongens en meisjes uit Den Haag zich ook in deze strijd en is er sprake van een kakelbont gezelschap.

Op de plaatselijke kandidatenlijst zie ik dat 7 van de 16 partijen landelijk geen rol van betekenis spelen. Er is ook hier de onvermijdelijke "leefbaar …..”, maar bovendien zijn er partijen waarvan ik nog niet eerder had gehoord. Van enkele van deze laatste groep zal ik vermoedelijk ook in de toekomst nooit meer iets horen. Misschien is dat eigenlijk best zonde, want het is heel goed mogelijk dat het een partij met gezonde ideeën betreft. Maar niemand maakt mij wijs (er wordt daartoe niet eens een poging ondernomen) dat een kiezer zich uitvoerig verdiept in de plannen van de diverse partijen. Bij sommige partijen vergt zoiets amper inspanning. Van die ‘1-agendapunt-clubjes’, die geen moskee binnen de gemeentegrens willen, of tegen een (bestuurlijke) fusie met het naburig dorp zijn.

Na een bescheiden rondje langs de plaatselijke politieke velden constateer ik redelijk frequent het intrappen van open deuren. Het moet veiliger, er moet meer geld naar zorg en meer van dat soort zaken waar niemand tegen is. “Het moet anders” en “dichter bij de inwoner” doen het natuurlijk ook steeds lekker.

Schitterend door afwezigheid, althans in ‘mijn’ gemeente, zijn kwantificeerbare doelstellingen. Zo van: Met ons in de raad komen er binnen 4 jaar …. sociale huurwoningen bij en als die er niet zijn gekomen, mag u ons daar op afrekenen.

Verwarring, onbegrip en onwetendheid troef dus. Gelukkig is er hier een stemwijzer. Of ik voor of tegen afschaffing van hondenbelasting ben. Of ik voor of tegen gratis openbaar vervoer voor 65+ ben. Ik ben bang dat ik er niet zo gek ver naast zal zitten als de hondenbezitter VOOR afschaffing van de bijbehorende belasting is en de 65 plusser, die regelmatig van de bus gebruik maakt, zal vast wel VOOR gratis plaatsbewijzen zijn.  Maar wat stemt de jongere met hond?

Zoals bij velen bekend heb je na het invullen van de stemwijzer een soort profiel opgebouwd en je krijgt dan te horen welke partij daar het best bij past. Bij mij begint de ellende dan pas echt. Ik bekijk het programma van de partij die het best bij mij schijnt te passen. Daar lees ik dan dingen waar ik het absoluut niet mee eens ben. OK, nummer twee dan maar. Helaas vind ik ook daar weer iets waar ik niet blij van word. Bij 3, 4 en 5 staat het hoofd van de lijsttrekker mij niet aan. Aan partij 6, 7 en 8 heb ik eens een brief geschreven en daarop heb ik nooit antwoord gekregen. Onfatsoenlijke horken.

Uiteraard is bovenstaande voor een belangrijk deel pure fantasie, maar er zullen vast aardig wat mensen zijn die zich herkennen in dit soort ervaringen. Eenvoudigste oplossing als je het echt niet weet: Niet stemmen. Je weet immers niet op wie. Maar, zo wordt er dan gezegd, dan verlies je het recht op kritiek. Het is dus zo gek niet dat het woord gemeenteraad begint met gemeen.