Ridda - Primum non nocere


In het artsenvak is er een belangrijk principe: ‘het principe van niet schaden’. ‘Primum non nocere’ is een adagium dat stamt uit de tijd van Hippocrates, de grondlegger van de Westerse geneeskunde. Elke geneeskundestudent krijgt het zijn eerste dag van de opleiding al te horen en zal het bij het afstuderen, tijdens het afleggen van de artseneed, plechtig beloven. Je wordt er als het ware mee opgevoed.

Nu is er iets heel geks aan de hand in Nederland. Er zijn namelijk artsen die vanwege de geloofsovertuiging van ouders besnijdenissen bij jongens uitvoeren. Sommigen zijn zelfs zo achterlijk dat ze een stap verder gaan en er een boek over schrijven: ‘10.000 Cabrio's, smeuïge verhalen van een besnijdenisarts’. Dit verzin ik niet, er is in maart echt een boek van een huisarts gepubliceerd dat gaat over haar nationale en Europese record. Trots zijn op 10.000 besneden penissen, hoe gestoord en onbeschaamd kun je zijn? Hoe zouden wij hierop reageren als het niet ging om ‘cabrio’s’ maar om 10.000 besneden vagina’s? Was er dan meer ophef geweest? Ik denk het wel.

In Nederland worden de meeste besnijdenissen uitgevoerd bij jongens met ouders die geloofgekkies zijn. Hier vallen joden en moslims onder. Allah/JHWH, de almachtige en alwetende schepper, bedacht op een dag dat hij toch niet zo tevreden was over het voorhuidje van de man die hij nota bene zelf had geschapen. Abraham moest toen als bewijs van zijn gehoorzaamheid een mes in zijn zoon zetten. Wat voor een perverse idioot moet je zijn om dit te vragen, en nog belangrijker: om dit uit te voeren? Geen idee, vraag het de geloofgekkies maar.

Om dit toch wel gekke gebod te rationaliseren zeggen gelovigen dat het besnijden van de voorhuid infecties voorkomt. Ik vind dat dit veel zegt over de gebruikers van dit argument. Als zij het schoonhouden van een eikel al een te grote moeite vinden, dan ga je je toch afvragen hoeveel moeite ze het vinden om de rest van het lichaam schoon te houden. Ik hoef het antwoord eerlijk gezegd niet te weten. Bovendien geeft zo een ingreep waarbij men de huidbarrière kapot maakt ook kans op infectie. Ik stel aan deze mensen altijd voor of we dan ook maar gelijk de blinde darm moeten weghalen. Dat ding heeft ook wel eens de neiging om te ontsteken en dat kun je met een beetje hygiëne niet eens voorkomen!

Dat dit soort praktijken in Nederland nog steeds gedoogd wordt onder het mom van vrijheid van geloofsuiting is ronduit schandalig. Kleine, weerloze jongetjes verminken uit religieuze overwegingen is tegenstrijdig met die zogenaamde ‘vrijheid’. ‘Het moet van God’ is simpelweg geen argument om mensen levenslang te tekenen. Men is het daar bij besnijdenis van meisjes gelukkig wel over eens: het is sinds 1993 verboden.  Hoe is het dan toch nog steeds mogelijk dat er artsen zijn die hun beroepsethiek en gezond verstand opzij zetten en verblind door hun cultuurrelativistische bril ongestraft dit soort praktijken kunnen voortzetten?

De Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) ontmoedigt artsen weliswaar om besnijdenissen uit te voeren die niet medisch geïndiceerd zijn, maar het wordt tijd voor een duidelijk standpunt tegen dit soort praktijken. Er moet, net als bij vrouwenbesnijdenis het geval is, een wet komen die het strafbaar stelt. Het simpelweg ontmoedigen van het verminken van weerloze minderjarigen is niet genoeg om deze religieuze traditie te stoppen.

Maar eigenlijk is het te gek voor woorden dat er een wet moet komen om ouders te verbieden hun kind te verminken. Dat je ze moet uitleggen dat het niet oké is om de voorhuid van je kind weg te snijden omdat een man op een wolk dat heel graag schijnt te willen. Dit laat zien waar religieuze indoctrinatie toe in staat is. Zoals de Amerikaanse natuurkundige Steven Weinberg al zei: ‘zonder religie heb je slechte mensen die slechte dingen doen en goede mensen die goede dingen doen, maar om goede mensen slechte dingen te laten doen; daar heb je religie voor nodig’.