9 september 2018

   Rikus Spithorst - Lilli en Howick horen niet in onze bananenrepubliek

Leuk en aardig dat Lilli en Howick mogen blijven, maar ik ben het er niet mee eens. VVD-staatssecretaris van Justitie Harbers heeft de uitspraak van de Raad van State terzijde geschoven. Een schoffering van onze rechtsstaat. Ik ben tegen de discretionaire bevoegdheid van bewindspersonen. Niet de willekeur, het humeur of het politieke opportunisme van een bewindspersoon moet de hoogste instantie zijn, maar de rechter of de Raad van State. Want hoe zit het met al die andere gevallen, waarbij de betrokkenen wat minder media-aandacht weten te trekken? Laten we de zaak van deze kinderen eens wat nauwkeuriger bekijken.

Deze kinderen zijn in de vroege ochtend van zaterdag 8 september, in tegenstelling tot wat met ze was afgesproken, ervandoor gegaan. Omdat dat zou leiden tot een “gevaarlijke situatie”, en er politiek rumoer ontstond, is nu uit overwegingen van opportunisme besloten dat de kinderen toch in ons land mogen blijven. Wanneer deze kinderen onze wetten hadden gerespecteerd, waren ze gisteren wél uitgezet. (En om misverstanden te voorkomen: Ik vind dat Nederland vluchtelingen van wie het leven in gevaar is of voor wie politieke vervolging dreigt, met open armen moet ontvangen. Economische vluchtelingen en profiteurs dienen wij echter met kracht te weren. Hier gaat het om economische vluchtelingen. Ze lopen in hun thuisland geen gevaar, hebben rechters keer op keer vastgesteld.)

Het door staatssecretaris van Justitie Harbers belonen van de kinderen voor hun gedrag leidt tot de volgende conclusies:

1. De VVD roept wel telkens dat wetsovertreders hard moeten worden aangepakt, maar als het erop aankomt, handelt een VVD-staatssecretaris 180 graden de andere kant op.

2. In het kader van rechtsgelijkheid geldt nu dat niemand in ons land zich nog aan de wet hoeft te houden.

3. Alle rechters en ook de leden van de Raad van Staten hoeven niet meer naar hun werk. Aangezien hun uitspraken met één pennenstreek naar de prullenmand kunnen worden verwezen, spreken zij recht voor spek en bonen.

Door het belonen van gedrag dat maling heeft aan onze wetten, zijn wij verworden tot een bananenrepubliek, waar willekeur en politiek opportunisme prevaleren boven de uitspraken van onze hoogste rechters.